Home
Overwegingen
Huisvesting
Aanschaf
Zwerfkatten
Kattenorganisaties

Gezondheid
Celbiologie
Skelet
Zenuwstelsel
Ingewanden
Parasieten, virussen en bacteriën

Dracht en bevalling
Kittens
Volwassenen
Senioren

Onzindelijkheid
Stress

Water
Water is de meest belangrijke anorganische verbinding van het lichaam, omdat de zoogdierlijke cel voor 80% uit water bestaat. Van het hele lichaamsgewicht bestaat 60-70% uit water, welke verdeeld kunnen worden in intracellulair en extracellulair vocht.

Intracellulair vocht (ICV) bevindt zich in de cellen van het lichaam en kan onderverdeeld worden in het vocht in de bloedcellen en het vocht in andere cellen. ICV beslaat tot 40% van het totale lichaamsgewicht.

Extracellulair vocht bevindt zich buiten de cellen in de omgeving van de cellen. ECV beslaat tot 20% van het totale lichaamsgewicht en is inclusief het vocht waarin de bloedcellen zich bevinden (het plasma), het vocht in het lymfatische stelsel, het hersenruggenmergvloeistof (het transcellulaire vocht) en het vocht dat de andere cellen van het lichaam omgeeft (het weefselvocht).

Plasma bedraagt tot ongeveer 5% van het lichaamsgewicht. Dit is het medium waarin de bloedcellen getransporteerd kunnen worden binnen het bloedvaten (bloedvasculaire) stelsel. Het is rijk aan eiwitten die plasma-eiwitten genoemd worden. Het volume van transcellulair vocht wisselt en dit wordt geproduceerd door actieve uitscheidingsmechanismen. Er wordt aangenomen dat dit ongeveer 1% van het lichaamsgewicht in beslag neemt, vloeistoffen als hersenruggenmergvloeistof, verteringsvloeistoffen en weefselvocht. Interstitiumvloeistoffen beslaan tot 15% van het lichaamsgewicht. Deze ruimte (het interstitium) bevindt zich buiten de cellen van een weefsel (extracellulair). Vocht zal van en naar deze ruimte vloeien om de bloedcirculatie in balans te houden. Dit vocht ontstaat door een proces waarbij kleine moleculen en ionen gescheiden worden van de grotere moleculen en cellen. De druk in het bloedvatenstelsel drukt het vocht door de wanden van de haarvaten. Hierdoor worden de grotere plasma eiwitmoleculen en de celcomponenten van het bloed tegengehouden, terwijl de kleine deeltjes er wel doorheen kunnen (net als bij een zeef). Het vocht van het interstitium is daarmee vergelijkbaar met plasma, zonder de bloedcellen en eiwitmoleculen. Dit vocht is het medium waarin de cellen alles kunnen krijgen wat ze nodig hebben, zoals zuurstof en voedingsstoffen. In dit vocht kunnen de cellen tegelijkertijd alles kwijt wat ze aan afval hebben.

Water of vocht/vloeistof is het medium waarin alle biochemische reacties van het lichaam plaatsvinden, dus het is essentieel dat de interne omgeving van het lichaam in balans behouden blijft, ondanks alle veranderingen van buitenaf, een proces dat homeostase genoemd wordt. Lichaamswater en de chemische substanties die zich hierin bevinden, bewegen zich continue door het lichaam. De biologische processen die voor deze beweging zorgen zijn diffusie en osmose.

Diffusie

Bron plaatje: Wiki Commons, Produnis

Bij diffusie gaan de moleculen van een vocht of gas van een regio met een hoge concentratie naar een regio met een lage concentratie. Dit proces verloopt sneller in hete vloeistoffen dan in koude en gaat door tot een balans bereikt is in de concentratie. Diffusie vindt plaats als er geen barrière is voor de vrije beweging van moleculen of ionen en is zeer belangrijk om in en uit cellen te kunnen bewegen. Dit proces kan wel alleen plaatsvinden als het deeltje klein genoeg is om door het celmembraan heen te gaan. Om je er enigszins een voorstelling van te kunnen maken, als je dat lastig vindt aan de hand van de beschrijving alleen, kun je het zien als het proces waarbij een citroenpartje in heet water opgelost wordt. Zodra het partje het water raakt, vallen de citroenmoleculen in kleinere deeltjes uit elkaar en die kleinere deeltjes verdelen zich over het hele glas water. Als de moleculen te groot zijn, vindt er osmose plaats om deze balans te bereiken.

Osmose

Bron plaatje: Wiki Commons, Pidalka44
Osmose is de beweging van water door een halfdoorlaatbaar membraan van een vloeistof van een lagere concentratie naar een hogere concentratie wat doorgaat tot er een balans bereikt is in die twee concentraties. Een halfdoorlaatbaar membraan laat sommige substanties door, maar niet alle.

Osmose zorgt voor de waterbeweging van het interstitiumvloeistof naar de cellen. Een oplossing bevat moleculen van één substantie die opgelost wordt in een andere substantie. In het lichaam, worden substanties opgelost in de substantie water.

Een oplossing heeft een osmotische druk. Dit is de druk die nodig is om te voorkomen dat osmose gebeurt en is afhankelijk van het aantal deeltjes, zowel opgelost als onopgelost, in de oplossing. Dit betekent dat als de osmotische druk van het plasma hoog is, water in het bloed blijft vloeien tot de concentratie in balans is. Als de osmotische druk van het plasma laag is, vloeit het water uit het bloed in de weefselruimtes. Osmotische druk kan isotonisch (vocht heeft dezelfde osmotische druk als plasma), hypotonisch (vocht heeft een lagere osmotische druk dan plasma) of hypertonisch (vocht heeft een hogere osmotische druk dan plasma) zijn. De meeste vloeistoffen zijn isotonisch. Voor vochtbehandelingen is het belangrijk om het vocht bij te vullen dat zoveel mogelijk het tonische en elektrolyt gehalte benadert van het vocht dat verloren is gegaan.


Bron plaatje: Wiki Commons, Svdmolen


Bron plaatje: Wiki Commons, LadyofHats

Vochtbalans
Water beweegt continue door het lichaam, zoals je hierboven hebt kunnen lezen, maar gaat ook verloren door het ademhalingsstelsel (uitgeademde lucht bevat waterdamp), in de urine en in de ontlasting. Katten zweten niet, maar verliezen warmte en water door te hijgen. Water gaat ook verloren in tranen (deze worden continue geproduceerd om het oog te bevochtigen) en in vaginale uitscheiding. Door het drinken van vocht en het vochtgehalte in voer kan het water weer bijgevuld worden.

Bij zieke dieren gaat het vochtverlies nog harder door overgeven, diarree, bloedverlies of vaginale afscheiding (zoals pyometra, een ophoping van etter in de uterus die niet kan afvloeien door afsluiting van de cervix). Dit kan leiden tot uitdroging, wat ernstige consequenties kan hebben zoals de afname van het bloedvolume dat circuleert (hypovolemische shock). In een normale volwassen kat bestaat ongeveer 60% van het totale lichaamsgewicht uit water. Dit percentage is een beetje lager als de kat oud of erg dik (vetweefsel bevat weinig water) is en juist een beetje hoger als de kat jong of dun is.

Dagelijks waterverlies
Urine 20 ml per kg lichaamsgewicht
Onlasting 10-20 ml per kg lichaamsgewicht
Uitgeademde lucht, hijgen en andere uitscheiding 20 ml per kg lichaamsgewicht

In totaal gaat er dus ongeveer 50-60 ml per kg lichaamsgewicht dagelijks aan vocht verloren dat weer aangevuld dient te worden. Voor een kat die rond de 5 kilo weegt, betekent dit dus 250-300 ml per dag.